De A2/N2 is een van de belangrijkste verkeersaders van de Brainportregio. Door de groei van de regio wordt het er drukker, nemen de files toe en staat de leefbaarheid onder druk.

Daarom onderzoekt het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW), samen met de provincie Noord-Brabant en de gemeenten Eindhoven, Veldhoven, Best en Oirschot, hoe de doorstroming van het verkeer op de A2/N2 beter kan. Dat gebeurt in de MIRT-verkenning A2/N2-Randweg Eindhoven.
 

Drie kansrijke alternatieven

In maart 2026 hebben we de drie meest kansrijke alternatieven met de belanghebbenden besproken. Deze alternatieven hebben we daarna verder onderzocht: wat leveren ze op? Wat betekenen ze voor de omgeving? Zijn ze haalbaar en betaalbaar? Dat onderzoek is nu afgerond.

In alle drie de alternatieven hebben we ook gekeken hoe we rekening kunnen houden met de Brainportlijnen, een nieuwe vorm van snel busvervoer door de regio. Daarom lees je bij elk alternatief ook iets over een eventuele busstrook.

Waar hebben we naar gekeken

Voor elk alternatief hebben we naar vijf dingen gekeken:

  • Doelbereik en bereikbaarheid – verbetert het alternatief de doorstroming van het verkeer?
  • Milieueffecten – wat is het effect op de omgeving, zoals op natuur, geluid en luchtkwaliteit?
  • Kosten – wat zijn ongeveer de kosten per alternatief? 
  • Haalbaarheid en uitvoerbaarheid – is het technisch te bouwen en krijgen we alle benodigde vergunningen? Wat zijn de risico’s en is er draagvlak in de omgeving? Een minder gunstige uitkomst betekent daarbij niet dat een alternatief niet uitvoerbaar is, maar geeft aan dat er aandachtspunten of knelpunten zijn die in een volgende fase verder moeten worden uitgewerkt. 
  • Maatschappelijke Kosten-Batenanalyse (MKBA) – een MKBA zet de kosten van ieder alternatief naast wat het de samenleving oplevert, zoals tijdwinst en minder ongelukken. Alles wordt in euro's uitgedrukt, zodat de voordelen afgewogen kunnen worden tegen de kosten.

We vergelijken de alternatieven op deze vijf punten steeds met de situatie waarin we niets veranderen aan de A2/N2.

Alternatief 1: A2 breder maken

De A2 wordt verbreed naar 2x3 rijstroken, met ruimte voor een busstrook voor de Brainportlijnen aan de rechterzijde van de N2.

Doelbereik en bereikbaarheid

Het verbreden van de A2 naar 3 rijstroken zorgt voor een duidelijke verbetering van de doorstroming, zowel op de A2 zelf, als op de N2 en het onderliggende wegennet. We verwachten dat deze aanpassing weinig verkeer van andere wegen naar de A2/N2 trekt. 

Milieueffecten

De busstrook aan de rechterkant brengt grote verkeersveiligheidsrisico's met zich mee. Zoals bij alle alternatieven is de stikstofdepositie hoog. Een teveel aan stikstof is schadelijk voor natuurgebieden en kan leiden tot veranderingen in de chemische samenstelling van bodem en water, waardoor negatieve effecten kunnen optreden voor flora en fauna. Er zijn enkele andere effecten die grotendeels te beperken of te compenseren zijn. Dit is later dit jaar na te lezen in de planMER.

Kosten

Van de drie alternatieven zijn de kosten van dit alternatief het laagst.

Haalbaarheid en uitvoerbaarheid

Dit alternatief is technisch haalbaar, maar moet in de planning- en studiefase nader uitgewerkt worden. De inpassing van de busstrook aan de rechterkant brengt aanzienlijke verkeersveiligheidsrisico’s met zich mee. Daarnaast zijn nog maatregelen en onderzoeken nodig om te laten zien dat de gevolgen voor natuurgebieden binnen de wettelijke kaders passen. 

Maatschappelijke kosten en baten

De balans tussen maatschappelijke kosten en baten is positief. De baten zijn veel hoger dan de kosten.

Alternatief 2: A2 verbreden en knooppunten verbeteren

De A2 wordt verbreed. Daarnaast wordt knooppunt Batadorp ontvlochten. Dat betekent dat verkeersstromen van elkaar worden gescheiden. Verder is gekeken naar een nieuwe aansluiting op de A67, omdat deze de bereikbaarheid van werkgelegenheid in de regio en de doorstroming op de A2/N2 kan verbeteren.

Op de N2 kunnen de Brainportlijnen met een busstrook aan de linkerzijde worden ingepast.
 

Doelbereik en bereikbaarheid

Dit alternatief verbetert de doorstroming op de A2 en op een deel van de A67, tot de aansluiting bij Valkenswaard. Het wegennet rond De Run wordt ontlast. De ontvlechting van knooppunt Batadorp heeft daarnaast een beperkt positief effect op de doorstroming en de verkeersveiligheid. De busstrook aan de linkerkant is veiliger dan aan de rechterkant. Voor goede inpassing van de busstrook is onder andere een fysieke scheiding tussen de N2 en de busstrook nodig. 

Milieueffecten

De nieuwe aansluiting op de A67 vraagt ruimte in een Natura 2000-gebied; hoeveel ruimte precies, hangt af van de verdere uitwerking. Zoals bij alle alternatieven is de stikstofdepositie hoog. Een teveel aan stikstof is schadelijk voor natuurgebieden en kan leiden tot veranderingen in de chemische samenstelling van bodem en water, waardoor negatieve effecten kunnen optreden op flora en fauna. Van de drie alternatieven raakt dit alternatief de omgeving het meest.

Kosten

Dit is het duurste alternatief, aanzienlijk duurder dan de andere twee.

Haalbaarheid en uitvoerbaarheid

Dit alternatief is technisch haalbaar, maar moet in de planning- en studiefase nader uitgewerkt worden. De ligging bij het Natura 2000-gebied is wel een risico voor het verkrijgen van de benodigde vergunningen.

Maatschappelijke kosten en baten

De balans in de maatschappelijke kosten en baten is sterk afhankelijk van het economische groeitempo: bij een hoge groei is die positief, bij een lage groei zijn de voordelen minder groot, maar nog wel positief.

Alternatief 3: A2 én N2 verbreden

Zowel de A2 als de N2 worden verbreed naar 2x3 rijstroken. Aansluiting 30 (Eindhoven-Centrum) wordt mogelijk uitgebreid. Nu kun je deze aansluiting alleen gebruiken als je vanuit het noorden komt. Straks is het ook mogelijk om vanuit Eindhoven-Centrum de N2 op te gaan in zuidelijke richting. De Brainportlijnen rijden mee met het verkeer op de N2.

Doelbereik en bereikbaarheid

Dit alternatief levert de grootste verbetering van de bereikbaarheid op. Het verbetert de doorstroming op de A2 en de N2 en het zorgt ervoor dat er minder verkeer door de stadscentra rijdt en meer via de N2. Voor de Brainportlijnen is de doorstroming op de N2 ook beter, al loopt ook de bus vertraging op als het verkeer op de N2 langzaam rijdt.

Milieueffecten

Door de toename van verkeer neemt de geluidsbelasting toe. Zoals bij alle alternatieven is de stikstofdepositie hoog. Een teveel aan stikstof is schadelijk voor natuurgebieden en kan leiden tot veranderingen in de chemische samenstelling van bodem en water, waardoor negatieve effecten kunnen optreden op flora en fauna. Er zijn enkele andere effecten die grotendeels te beperken of te compenseren zijn (dit is later dit jaar na te lezen in de planMER).

Kosten

Dit alternatief is duurder dan alternatief 1, maar aanzienlijk goedkoper dan alternatief 2.

Haalbaarheid en uitvoerbaarheid

Dit alternatief is technisch uitvoerbaar, maar moet nog verder worden uitgewerkt. Daarnaast zijn nog maatregelen en onderzoeken nodig om te laten zien dat de gevolgen voor natuurgebieden binnen de wettelijke regels passen.

Maatschappelijke kosten en baten

De balans tussen maatschappelijke kosten en baten is positief. De baten zijn veel hoger dan de kosten. Ten opzichte van alternatief 1 zijn de kosten hoger, maar zijn ook de baten veel hoger.

Wat gebeurt er met deze alternatieven?

Met behulp van de effectstudies hebben we meer inzicht gekregen in de drie alternatieven. Op basis van deze inzichten werken we toe naar een voorkeursalternatief. Daarbij kijken we naar de bijdrage aan het doel van het project, de haalbaarheid en de kaders waarbinnen we een voorkeursalternatief moeten realiseren. 

Gelet op de primaire doelstelling van de MIRT-verkenning, het verbeteren van de doorstroming op de A2/N2, draagt alternatief 3 met een verbreding van de A2 en de N2 naar 2x3 rijstroken daaraan het meest bij. Ook hebben we gekeken of we de Brainportlijnen kunnen inpassen op de A2/N2; daarover vindt de komende periode een bestuurlijke afweging plaats. 

Daarna kan iedereen daarop reageren, via een zienswijzeprocedure. Na afloop van de zienswijzeprocedure wordt het definitieve besluit genomen. Op basis daarvan werken we het ontwerp in een volgende fase verder uit ter voorbereiding op de realisatie.

Je hoeft niet te wachten met reageren tot de ontwerp-voorkeursbeslissing er is. Je ideeën, vragen en aandachtspunten zijn nu al welkom. Stuur je reactie naar an2re@minienw.nl. Je krijgt zo snel mogelijk een antwoord.

De volledige tijdlijn van de verkenning vind je op de pagina Proces.