Het project 'Fietsparkeren bij stations' vergroot het aantal fietsparkeerplaatsen bij stations en draagt zo bij aan verkorten van deur-tot-deur reistijd en vergroot het reisgemak.

Projectkenmerken

  • Gebied: Nationaal
  • Onderwerp: Spoorwegen personen
  • Ministerie: IenW
  • Fase: Realisatie

Opgave

Verdere groei van het fietsgebruik heeft grote maatschappelijke voordelen. Het oplossend vermogen van fietsen draagt bij aan belangrijke nationale doelen zoals bereikbaarheid, leefbaarheid, duurzaamheid en gezondheid. Doordat steeds meer mensen met de fiets naar het station komen, is er een tekort aan fietsparkeerplaatsen bij stations ontstaan. In 2011 werd zonder de uitvoering van het Actieplan Fietsparkeren bij stations voor 2020 een tekort verwacht van 82.000 tot 145.000 plaatsen en voor 2030 van 92.000 tot 185.000 plekken.

Oplossing

In de Lange Termijn Spooragenda deel 2 (TK 29984, nr. 474) is ervoor gekozen de aansluiting van het spoor op de ov-keten te verbeteren. De overstap van eigen vervoer, zoals de fiets, op ov en vice versa is daar een belangrijk onderdeel van. Hiervoor zijn goede faciliteiten bij knooppunten noodzakelijk. In 2011 is de Kamer geïnformeerd over het Actieplan Fietsparkeren bij stations (TK 32404, nr. 53).

De extra middelen vanuit het regeerakkoord Rutte III worden ingezet voor het innoveren en vergroten van de stallingsmogelijkheden bij OV-knooppunten. Bij het stallen wordt rekening gehouden met het toenemende aantal bijzondere formaat fietsen zoals elektrische fietsen, speed-pedelecs en bakfietsen. Daarbij wordt ook gekeken naar het efficiënter benutten van de stallingscapaciteit. Bij de prioritering van projecten ligt de voorkeur bij projecten die deze kabinetsperiode (Rutte III) kunnen worden gerealiseerd. De projecten dienen daarnaast onder andere aantoonbaar te passen in een regionale aanpak van fietsstimulering waarbij werkgevers betrokken zijn.

Bijdrage oplossing aan beleidsdoelstelling

De oplossing draagt bij aan het verkorten van de reistijd van deur tot deur, biedt ruimte aan de groei van het reizigersvervoer en vergroot het reisgemak.

Planning

  • Start realisatie: divers
  • Oplevering: divers

Financiën

Totaalbudget € 445 mln. Tot en met 2012 via Beheer en Instandhouding (BenI) als geoormerkt project: € 104 mln en vanaf 2013 € 341 mln (waarvan € 97 mln voor PHS-locaties, € 11 mln voor OV-Schiphol-Amsterdam-Almere (OV-SAAL) en € 158 mln voor overige locaties) via het aanlegprogramma Personenvervoer. Artikel IF 13.03.01.

Ontwikkeling planning en budget Gegevens over zeven jaar, tenzij er een MIRT fasewisseling heeft plaatsgevonden.
JaarBudget in mln.Oplevering
MIRT 2013321Divers, uiterlijk 2020
MIRT 2014325Divers, uiterlijk 2020
MIRT 2015325Divers, uiterlijk 2020
MIRT 2016325Divers, uiterlijk 2020
MIRT 2017326Divers, uiterlijk 2020
MIRT 2018370Divers, uiterlijk 2020
MIRT 2019445Divers
Bron: MIRT Brontabel als csv (283 bytes)
Verschil in budget
Bedrag in mln.
verschil124
waarvan uitgekeerde prijsbijstelling (IBOI)11
Brontabel als csv (80 bytes)
Gerealiseerd budget De realisatiegegevens t/m 31-12-2017 zijn bekend. Het opgenomen percentage in de tabel geeft weer welk deel van het budget op peildatum 31-12-2017 was gerealiseerd.
JaarBudget in mln. gerealiseerdPercentage gerealiseerd
2012104
2013119
2014131
2015145
201616350%
201719071%
Bron: MIRT Brontabel als csv (137 bytes)

Politiek/bestuurlijk

In 2011 is het Actieplan Fietsparkeren naar de Tweede Kamer gestuurd (TK 32404, nr. 53). In reactie op  Motie-Ouwehand/De Rouwe ging de regering met grote gemeenten, NS en ProRail in overleg over de fiets­parkeerproblematiek en werd per brief van 12 mei 2014 (TK 29984, nr. 485) het Actieplan nader ingevuld. In de loop van 2015 is de tussentijdse evaluatie van het Actieplan Fietsparkeren bij stations uitgevoerd (TK 29984, nr. 642). Ook werd een bestuurlijk overleg voorgesteld om te komen tot een gemeenschappelijk bestuurs­akkoord. Het bestuursakkoord is op 12 december 2016 ondertekend en aan de Tweede Kamer aangeboden (TK 29 984, nr. 700). Het bevat afspraken voor de aanpak van het tekort aan fietsenstallingen voor de middellange en de lange termijn. Bij aanvang van het kabinet Rutte III zijn extra middelen beschikbaar gesteld voor fietsparkeren. De bijdrage van het Rijk in de nieuwe plannen bedraagt maximaal 40%.

Projecthistorie X verwijst naar de editie van het MIRT overzicht waarin de wijziging of aanvulling voor het eerst is opgenomen.
2013201420152016201720182019
Algemeen
MIRT-faseX
Opgave
Oplossing
PlanningX
FinanciënXXXX
Politiek, bestuurlijkX
Bron: MIRT Brontabel als csv (179 bytes)

Uitvoering

De uitvoering van het Actieplan Fietsparkeren en daaropvolgende investeringsimpulsen in fietsparkeren is in handen van ProRail. ProRail werkt daarbij nauw samen met de gemeenten. De exploitatie van bewaakte stallingen is in de meeste gevallen in handen van NS of vindt plaats door onderaannemers. Gemeenten, NS, en soms de vervoerregio of provincie, maken afspraken over de exploitatie.

Toelichting op de wijzigingen

2013: Het project is nieuw opgenomen in het MIRT. De Tijdelijke commissie onderhoud en innovatie spoor (commissie-Kuiken) heeft aanbevolen de aansturing van ProRail minder diffuus te maken. In de kabinetsreactie is aangegeven dat de geoormerkte projecten van Beheer en Instandhouding (BenI) worden ondergebracht in het aanlegprogramma, omdat deze projecten meer overeenkomsten vertonen met aanlegprojecten dan met beheer en instandhouding.

2014: Bij Voorjaarsnota 2013 is het projectbudget verhoogd met € 4 mln. Onderbesteding van € 6 mln bij BenI wordt overgeheveld naar het taakstellend budget voor het aanlegprogramma.

2017: Motie-Dik/Faber (TK 29984, nr. 562) is verwerkt in de vervoerconcessie voor het hoofdrailnet die in 2015 aan NS is verleend door in artikel 29 op te nemen dat NS naar redelijkheid bijdraagt aan de integrale kosten van het fietsparkeren bij stations, waarbij een evenwichtige kostenverdeling tussen alle bij het fietsparkeren betrokken partijen het uitgangspunt is.

2018: Uit de tussentijdse evaluatie (2015) van het Actieplan Fietsparkeren bij Stations (AFP) bleek dat de vraag van reizigers naar fietsparkeerplekken bij stations blijft stijgen en het beschikbare budget voor extra plekken onvoldoende is om in deze toenemende vraag te voorzien. In het bestuursakkoord Fietsparkeren bij Stations (d.d. 12 december 2016) hebben betrokken partijen afgesproken voor zowel de zeer korte als voor de langere termijn het tekort aan fietsparkeerplekken aan te pakken en een route uit te zetten om het tekort aan fietsparkeerplekken en de dekking van de integrale kosten het hoofd te bieden. Voor de korte termijn is € 40 mln vrijgemaakt vanuit de investeringsruimte Spoor (artikelonderdeel 13.08) voor een vervolg op het AFP. Daarmee kunnen, samen met de andere betrokken partijen, de stallingsproblemen op de twaalf urgentste plekken worden aangepakt (TK 29984, nr. 700). En naar aanleiding van afspraken die op 3 december 2014 in het bestuurlijk overleg tussen het ministerie van Infrastructuur en Milieu en de gemeente Almere zijn gemaakt over de realisatie van extra fietsen­stallingsplaatsen bij stations Almere Centrum en Almere Poort, is via dekking vanuit het projectbudget OV-SAAL MLT € 1,3 mln toegevoegd.

2019: In het regeerakkoord van het kabinet Rutte III wordt een extra investeringsimpuls aan de aanleg van fietsinfrastructuur gegeven (totaal € 100 mln), waarvan € 74 mln gereserveerd wordt voor de medebekostiging van fietsenstallingen. De fietsambities van het kabinet zijn uiteengezet in brief van 12 juni 2018 (TK 31 305, nr. 70). Met de nieuwe middelen kan structureel gewerkt worden aan Fietsparkeren bij Stations. Om die reden is het jaar van opleveren aangepast in “divers”. Daarnaast is € 2 mln overgeboekt naar het programma Beheer, onderhoud en vervanging (IF 13.02) voor de dekking van de beheer- en onderhoudskosten van de in beheer genomen programmaonderdelen.

Hoort bij